201801.091

Privacy huurder

Privacy huurder

Recentelijk heeft de Rechtbank Amsterdam een opmerkelijk vonnis gewezen. De kantonrechter van deze rechtbank gaf aan dat een verhuurder bij onaangekondigde inspecties van het gehuurde zich schuldig kan maken aan schending van artikel 10 en 12 van de Grondwet. Verhuurder zou inbreuk maken op de privacy van de huurder en diens huurgenot.

In onderliggende procedure had de verhuurder het vermoeden, dat er in het gehuurde een hennepkwekerij was opgericht. De verhuurder wenste door middel van een inspectie dit te controleren, maar de huurder weigerde de verhuurder de toegang. Verhuurder is toen een gerechtelijke procedure tegen de huurder begonnen: om medewerking te verlenen aan periodieke inspecties van het gehuurde al dan niet vooraf aangekondigd.

privacy

De kantonrechter heeft uiteindelijk geoordeeld, dat een verhuurder enkel in noodsituaties zonder toestemming van de huurder het gehuurde mag betreden. In de andere gevallen en niet vooraf aangekondigd kan het binnentreden leiden tot onevenredige inbreuk op het recht van privacy en het huurgenot van de huurder.

Het wordt door dit vonnis de verhuurder bemoeilijkt om bestuursrechtelijke boetes te voorkomen bij onrechtmatig gebruik (hennepkwekerij) van het gehuurde aan te tonen en te beëindigen.

In het verleden is namelijk meerdere malen beslist dat een eigenaar van een door hem/haar verhuurde woon- of bedrijfsruimte bestuursrechtelijk verantwoordelijk is voor wat er in het gehuurde plaatsvindt. Zo hebben eigenaars al boetes gehad voor huurders die het gehuurde illegaal op AirBnB hebben aangeboden. Ook zijn eigenaars (mede)verantwoordelijk gehouden bij aangetroffen hennepkwekerijen in het gehuurde. De eigenaar dient aannemelijk maken dat hij of zij niet wist of kon weten dat het pand onrechtmatig werd gebruikt. Kan de eigenaar dit niet dan zal hij of zij bestuursrechtelijk (mede)verantwoordelijk gehouden kunnen worden. De eigenaar dient aan te tonen dat hij of zij voldoende toezicht heeft gehouden ten aanzien van het gehuurde.

In bovenstaande kwestie wilde de verhuurder toezicht houden, maar is door de kantonrechter “terug gefloten”. Het is door het vonnis van de Kantonrechter niet duidelijk geworden of de verhuurder in casu door het niet kunnen inspecteren wel of geen bestuurlijke boete als een eigenaar zou krijgen, omdat hij geen toezicht op het gehuurde heeft kunnen hebben. De kantonrechter vermindert echter wel de mogelijkheid van de verhuurder daartoe.

Mocht u in zo’n situatie terechtkomen, dan is het verstandig om een dossier op te bouwen, zodat u kunt aantonen dat u getracht heeft voldoende toezicht te houden op het gehuurde. U zou meerdere malen schriftelijk aan de huurder kunnen verzoeken tot een inspectie van het gehuurde.

Ook is het verstandig om het recht als verhuurder om het pand periodiek te controleren in verband met onderhoud, verbod op hennepteelt en eventuele onregelmatigheden in een aparte bepaling op te nemen in de huurovereenkomst.

Reageer

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Velden met een * zijn verplicht.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.