201808.311

Kan ontstane planschade gevorderd worden bij een nieuw bestemmingsplan?

bestemmingsplan

Kan ontstane planschade gevorderd worden bij een nieuw bestemmingsplan?

Als er een nieuw bestemmingsplan wordt vastgelegd en dat wijkt essentieel af van het voorgaande bestemmingsplan kan dit aanzienlijke schade voor een eigenaar van een perceel met zich meebrengen. De bestemming van bijvoorbeeld wonen zou gewijzigd kunnen worden in bedrijf. U kunt zich de situatie voorstellen dat dit een aanzienlijk nadeel met zich mee kan brengen. De wijziging van het bestemmingsplan kan een waardevermindering van het perceel betekenen. Als dit zich voordoet kan dus de eigenaar van het perceel het college van burgemeester en wethouders verzoeken om deze planschade te vergoeden. U kunt dit zien als een soort schadevergoeding voor het geleden nadeel door de wijziging van het bestemmingsplan.

Passieve risicoaanvaarding

De eigenaar dient op te passen voor de toetsing van passieve risicoaanvaarding. Dat wil zeggen dat de eigenaar van het perceel te lang stil zit en/of niet vlot genoeg handelt.
De Afdeling van de Raad van State heeft in haar uitspraak nogmaals aangegeven dat bij een passieve risicoaanvaarding geen recht bestaat op planschadevergoeding.
In onderhavige kwestie ging het om eigenaren, die bungalows op hun perceel mochten bouwen, maar door een nieuwe bestemmingsplan was het bouwen van die bungalows niet meer toelaatbaar. Na bezwaar gemaakt te hebben bij de gemeente, heeft de gemeente dit bezwaar ongegrond verklaard, omdat de eigenaren al decennia wisten, dat op de percelen op termijn geen bouwactiviteiten meer mochten plaatsvinden. De eigenaren hebben te lang gewacht met het realiseren van de bungalows.
De Raad van State heeft het standpunt van de gemeente gevolgd en heeft aangegeven dat bij passieve risicoaanvaarding een drietal vragen een rol spelen.
1) Hadden de eigenaren rekening moeten houden met de kans dat het bestemmingsplan voor hen ongunstig zou gaan worden?
2) Is er door de eigenaren (actief) gepoogd om tot enige realisering van de bestaande bouw- en gebruiksmogelijkheden te komen?
3) Kon de eigenaars een verwijt worden gemaakt? Kon van een redelijk denkend en handelend eigenaar worden verwacht dat deze eerder tot enige realisering van de bouw en gebruiksmogelijkheden gebruik had gemaakt?
Conclusie: de Raad van State vond in onderhavige kwestie dat de eigenaren van de percelen het risico van het vervallen van de bouw- en gebruiksmogelijkheden passief hadden aanvaard. De eigenaren van de percelen hadden geen recht op een planschadevergoeding.

Reageer

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Velden met een * zijn verplicht.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.